
Een konijn is een prooidier. Om te voorkomen dat andere dieren weten dat een konijn ziek en dus zwak is laat het konijn het niet merken als het niet goed gaat. Als je een konijn als huisdier hebt, is het lastig om ziektes te herkennen. Gelukkig weet je als baasje als geen ander hoe jouw konijn zich standaard gedraagt. Als zijn gedrag hiervan afwijkt kun je concluderen dat er iets aan de hand is en is het raadzaam om contact op te nemen met de dierenarts.
Bekijk hier het complete assortiment voor je konijn bij Plein.
Afwijkend gedrag is bijvoorbeeld meer of minder eten, niet meer aangeraakt willen worden, agressief gedrag vertonen, enzovoort. Als je konijn normaliter in een buitenverblijf woont, is het belangrijk om het konijn direct naar binnen te halen, op het moment dat je merkt dat het niet goed gaat. Onderkoeling is voor een konijn erg gevaarlijk en als een konijn ziek is kan hij zichzelf niet goed warm houden.
Onderstaande aandoeningen komen het vaakst voor bij konijnen:
Darmproblemen komen het vaakst voor bij konijnen, vooral darmimmobiliteit en darmslijmvliesontsteking. Darmimmobiliteit houdt in dat de darm geen samentrekkende bewegingen meer maakt. Hierdoor komt het voedsel vast te zitten in de darm. Darmimmobiliteit kan veroorzaakt worden door stress, pijn, uitdroging en onvoldoende ruwe vezels in het voer. Ook kan het een neurologische oorzaak hebben. Houd dus altijd in de gaten of je konijn een normale, regelmatige stoelgang heeft. Bij een darmslijmvliesontsteking heeft het konijn een infectie. Dit is te herkennen aan niet eten of drinken, diarree (zowel met als zonder bloed), buikpijn, veel gas in de buik, lusteloosheid en slijm bij de keutels.
Konijnen hebben een lange kop en een kleine mondopening, en zijn bovendien niet heel blij als je in de mond wil kijken. Daarom kunnen gebitsproblemen gemakkelijk ontstaan en onopgemerkt blijven broeien. Symptomen van gebitsproblemen zijn:
Gelukkig kunnen de meeste gebitsproblemen verholpen worden door het (laten) knippen van de tanden.
De meest voorkomende oorontsteking bij konijnen is de middenoorontsteking. Middenoorontsteking wordt meestal veroorzaakt door een bacteriële infectie. Deze infectie kan zich in het hoofd verspreiden (in de gehoorgang of via het bloed), waardoor je de infectie niet altijd kunt herkennen aan bijvoorbeeld veel krabben of pus in het oor. Meestal is de infectie echter te herkennen aan het schudden met het hoofd, het hoofd tegen iets aan schuren/wrijven, veel krabben en het hoofd scheef houden.
Een middenooronsteking doet vaak veel zeer, dus de meeste konijnen verliezen hierdoor hun eetlust en het leidt vaak tot lusteloosheid. Deze infectie kan neurologische schade tot gevolg hebben, waardoor het konijnen een hangende lip of hangend ooglid kan krijgen.
Zeker als het warmer wordt buiten zijn konijnen gevoeliger voor de madenziekte. Maden zoeken een warme, vochtige plek om te vermenigvuldigen. Maden leggen eitjes in aangekoekte ontlasting of in de vacht rondom de anus. Maden kunnen zich binnen vier uur naar binnen werken waar ze bloedvergiftiging veroorzaken. Als je de madenziekte vaststelt is het dus belangrijk om direct naar de dierenarts te gaan. Eén of twee dagen wachten kan fataal zijn voor het konijn.
De volgende symptomen zijn herkenbaar voor een konijn met maden:
Voorkomen is beter dan genezen. Zorg dat het hok van het konijn schoon is. Maak het hok in de zomermaanden extra vaak schoon en gebruik hiervoor goede ontsmettende middelen. Leg op de bodem een goed vocht opnemende bodembedekking. En houd in de gaten of het konijn zijn blinde darmkeutels opeet. Bij zieke, zwakke en/of oudere konijnen komt het voor dat zij dit niet opeten of in de vacht blijft plakken. Vliegen zijn dol op deze keutels.
En de belangrijkste tip: controleer je konijn dagelijks!
Daarnaast is het verstandig om in de zomermaanden preventief het konijn te behandelen met een anti-myiasis middel, zoals Beaphar. Deze spray zorgt ervoor dat de vliegen minder snel op het konijn gaan zitten. In dit middel zit namelijk ivermectine wat de maden, die toch op de konijnen komen, doodt.
De behandeling bestaat uit het met een pincet één voor één verwijderen van de maden, al dan niet onder een roesje. Dit is een langdurige en secure bezigheid. De aangekoekte ontlasting wordt weggewassen en de huid wordt opgeschoond. Het konijn krijgt pijnstillers en antibiotica. De prognose wanneer het op tijd ontdekt wordt, is goed. Wanneer je te laat bent en de maden al veel schade hebben kunnen aanrichten, is de prognose vaak niet goed. Naast konijnen komt dit probleem ook veel voor bij kippen en schapen. Ongeveer 2 tot 5% van alle dieren in Nederland krijgt wel eens met dit probleem te maken.
Oormijt wordt veroorzaakt door een parasiet die aan de binnenkant van het oor leeft. Oormijt kan zich verspreiden over het hele lichaam. In tegenstelling tot maden blijven parasieten bij oormijt aan de oppervlakte van de huid. De parasieten kauwen op de huid en boren hier gaten in. Als oormijt onbehandeld blijft zal een middenoorontsteking ontstaan. Oormijt zorgt er namelijk voor dat konijnen veel met het hoofd schudden en tot bloedens aan toe blijven krabben. Uiteindelijk kan het trommelvlies aangetast worden, waardoor een middenoorontsteking kan ontstaan. Oormijt is erg besmettelijk, dus als je oormijt herkent bij één van je konijnen zul je alle konijnen in het huishouden moeten behandelen.
RDH2 is een zeer besmettelijke konijnenziekte. De ziekte verspreidt zich door direct contact tussen konijnen. Maar ook via urine, bodembedekking, kleding, handen en water. Stekende insecten, zoals muggen, kunnen dit konijnenvirus ook verspreiden. Op plaatsen waar vers gras besmet is door wilde konijnen is het niet verstandig om vers gras te plukken en ook mensen kunnen de ziekte meenemen onder onze schoenen zonder dat we dit weten.
In het laatste stadium zie je neusuitvloeiing, deze is vaak schuimig. Dit betekent dat het konijn bloedingen in zijn lichaam heeft die vaak in de darmen zijn. Wanneer je dit ziet, zal het konijn snel sterven. In ernstige gevallen kan het zijn dat je niet eens de symptomen van dit konijnenvirus ziet en het konijn ineens dood ligt.
Ruimtes grondig reinigen
Ruimtes waar mogelijke besmette konijnen zijn geweest, moeten grondig gereinigd worden met water en zeep en moeten daarna gedesinfecteerd worden. Voorbeelden van desinfectiemiddelen die je kan gebruiken zijn onder andere Virkon-S® en natriumhypochloriet. Deze kun je kopen bij dierenspeciaalzaken en agrarische winkels. Je dierenarts kan je hierover verder adviseren.
Geen vers gras of groente van buiten voeren
Voer geen (vers) gras of groente van buiten (uit de moestuin bijvoorbeeld) aan je konijn. Pas ook op met het voeren van hooi of kuilvoer waarvan je vermoedt dat er wilde konijnen bij gekomen zouden kunnen zijn.
Goede (hand)hygiëne
Goede (hand)hygiëne is belangrijk om de verspreiding van het virus te beperken. Was je handen extra goed met water en zeep vóór en na het voeren en verzorgen van je konijn.
Pas op met besmette konijnenveldjes
Konijnenveldjes kunnen besmet zijn met urine van wilde konijnen. Via jouw schoenen kan het virus verspreid worden. Houd je je konijnen binnen? Wissel je schoenen bij het naar binnen gaan. Houd je je konijnen buiten, bijvoorbeeld in een ren in de tuin? Dan kun je daar het beste andere schoenen dragen dan dat je op straat draagt. Laat je konijnen in ieder geval niet in contact komen met schoenen waarmee je over mogelijk besmet terrein hebt gelopen.
Pathologisch onderzoek
Laat bij acute sterfte onder jouw konijnen een pathologisch onderzoek uitvoeren. Je dierenarts kan je hierbij adviseren.
Dutch Wildlife Health Centre
Tref je een dood wild konijn aan? Meld het dan bij het Dutch Wildlife Health Centre via hun website.
Vaccineren
En het allerbelangrijkste: laat je konijn vaccineren. Sinds half augustus 2016 is er een nieuw vaccin die kan voorkomen dat je konijn besmet raakt met dit virus!
Bekijk hier het complete assortiment voor je konijn bij Plein.